Onrust onder de keppel

Een Joodse organisatie begint met een controlecel tegen haatproza op het internet. Een Joodse school vraagt haar leerlingen om op straat geen keppeltje te dragen. Alledaags antisemitisme in België.

In december kreeg een Antwerpse buschauffeur die Joodse schoolmeisjes moest vervoeren het danig op zijn heupen. «Waarom hebben de nazi's jullie niet allemaal doodgeschoten?» riep hij uit na een dispuut. Het Forum der Joodse Organisaties diende klacht in voor antisemitisme. «Niets kan zo'n uitspraak verontschuldigen”, zegt secretaris-generaal Diane Keyser. «Maar die ene uitval was nog niets in vergelijking met de vele reacties op de internetfora daarna». Vooral op het forum van Gazet van Antwerpen kwamen nogal wat naargeestige reacties toe van het genre «als jullie wisten wat Joden echt zijn, dan zouden jullie de buschauffeur een medaille geven».

Sinds een jaar of tien wordt bijna overal in Europa een heropleving van antisemitisme gesignaleerd, en de laatste tijd wordt dat vooral via het internet gepromoot. Na de recente polemiek met Bart De Wever (N-VA), die de Antwerpse excuses aan de Joodse oorlogsslachtoffers gratuit noemde, stroomden bij diverse media antisemitische reacties binnen - ook bij Knack moesten er een aantal van het forum worden verwijderd. «Ik vind de Holocaust een verdiende straf voor de Joden», schreef Flippend Rund op de internetsite politics.be, veilig verborgen achter een schuilnaam. «Maar het meest geschokt waren we toen De Standaard een internetpoll hield waaruit bleek dat 63 procent met De Wever akkoord ging», zegt Diane Keyser. «Dat toont de latente onverdraagzaamheid op het web».

Voorzitter Joël Rubinfeld van de koepelorganisatie CCOJB begint in de komende weken met een controlecel om het internet op cyber-antisemitisme te screenen. «Een paar mensen doen dat al langer op losse basis. Dat leverde 6 meldingen op in 2005, 22 in 2006 en het voorbije jaar tot midden december al 26. Een forse stijging dus. En natuurlijk is dat maar het topje van de ijsberg. Veel inbreuken worden nooit gemeld, omdat men niet weet waar men terecht moet, omdat men twijfelt aan het nut ervan, of omdat men het gewend is geworden. Dat laatste vind ik nog het ergste: dat er een gewenning optreedt voor hedendaags antisemitisme. Daarom richten wij nu die controlecel op».

De recentste melding in december betrof de al vaker aangeklaagde internetsite 7sur7.be, waarop iemand over Joden schreef: «Ik heb spijt dat Hitler zijn werk niet afgemaakt heeft, maar er is nog hoop met Iran». Nadat het Centrum voor Racismebestrijding dat aan de moderator van het forum had gemeld, werd de uitlating geschrapt. Maar dat gebeurde niet voor andere beledigende reacties, zoals deze: «De Joden stinken voor mij met hun gekreun terwijl ze overal de dood brengen». Joël Rubinfeld: «Die dingen blijven gewoon staan, want ze horen blijkbaar bij de vrijheid van meningsuiting. Schokkend is dat het ook bij grote persgroepen zo gebeurt. De media dragen een zware verantwoordelijkheid».

Maar volgens het Centrum voor Racismebestrijding is het soms over eieren lopen. Marco Van Haegenborgh: «Wanneer wij meldingen krijgen over antisemitisme op het internet, nemen wij contact op met de moderatoren van die fora, en over het algemeen verdwijnen die uitlatingen dan onmiddellijk van het net. Maar wij maken wel een onderscheid tussen een mogelijke inbreuk op de antiracismewet (aanzetten tot haat, geweld en discriminatie) en het uiten van een opinie (die misschien wel kwetsend of schokkend kan zijn). Dat is de vrije meningsuiting». Vanwege hetzelfde onderscheid vraagt de Liga voor Mensenrechten nu trouwens, merkwaardig genoeg, om de recent uitgebreide antiracismewet te versoepelen.

In 2006 ontving het Centrum 63 meldingen van antisemitisme, waarvan een derde (21) het internet betrof. Het Centrum werd in 2004, na enkele zware incidenten, belast met de coördinatie van een rapport dat werd opgesteld door twee universiteiten, maar dat is nog altijd niet gerealiseerd. Wel is er een recent Nederlands rapport over de periode januari 2006-mei 2007, waarin over een «aanzienlijke toename van antisemitisme in Nederland» (met 64 procent) wordt gesproken. «Die toename is voor het overgrote deel het gevolg van de vele gemelde antisemitische e-mails». In Nederland telde het Meldpunt Discriminatie Internet 463 uitingen van antisemitisme in 2006. «Discriminatie op het internet is een normaal verschijnsel geworden. Velen beroepen zich op de vrijheid van meningsuiting».

Dat draagt bij tot een klimaat waarin het antisemitisme soms niet alleen tot woorden beperkt blijft. Vooral in Antwerpen en Brusselbrandstichting, bekladding, vernieling, bespuwen, stenen gooien en geweldpleging. Eli Ringer van het Forum der Joodse Organisaties: «Een paar jaar geleden werd een jongen van de Talmoedschool in Wilrijk neergestoken. Hij was zwaargewond. Doden hebben we gelukkig nog niet gehad. Na de oorlog hebben we een lange periode gekend waarin antisemitisme absoluut taboe was. Maar vooral sinds 2000 merken we een verontrustende heropleving. Het taboe is weg. Zelfs in sommige betere kringen is antisemitisme weer salonfähig geworden, hoor ik nu».

Hij wijst met de vinger naar zowel het traditionele Europese antisemitisme («al probeert het Vlaams Belang anti-Joodse reacties te weren») als naar de politiek geïnspireerde reacties van moslims en anderen «die het conflict uit het Midden-Oosten importeren». Als het geweld in het Midden-Oosten weer oplaait, blijkt ook hier dat sommigen hun afkeer van de staat Israel op «de Joden» projecteren. Het is soms een vage scheidingslijn, want omgekeerd wordt de Joodse organisaties ook vaak verweten dat ze zelf te weinig onderscheid maken tussen legitieme kritiek op Israël en antisemitisme.

In december werden verscheidene keren stenen door de ruiten van de Antwerpse synagoge langs de spoorweg gegooid, zelfs toen er mensen zaten te bidden. Uiteindelijk kon de politie enkele Poolse jongens aanhouden. Dat zou, naast het traditionele extremisme en de politieke polarisatie, een derde reden zijn waarom het antisemitisme bij ons weer is toegenomen: het is uit Oost-Europa overgewaaid. In landen als Polen, Hongarije, Roemenië, Oekraïne en Rusland wordt al jaren een opmars van antisemitisme gesignaleerd. In Kiev werd in oktober jongstleden nog een Joodse school in brand gestoken. Begin 2007 werden in een synagoge in Moskou negen mensen verwond door een met een mes zwaaiende extremist.

Een van de zwaarste incidenten van de laatste jaren gebeurde in januari 2006, toen de jonge Ilan Halimi uit Parijs dood werd teruggevonden, naakt en geboeid. Hij was door een bende ontvoerd en doodgemarteld omdat hij Jood was. In Parijs hebben de Joodse leiders de gemeenschap gevraagd om in het openbaar veiligheidshalve geen keppeltjes of andere herkenbare Joodse voorwerpen of kledingstukken te dragen. In Brussel wordt dat ook gedaan door het Joodse atheneum Maïmonide, dat in Anderlecht in een wijk met veel allochtonen ligt. Toen in 2005 een groep leerlingen beschimpt en bedreigd werd, schreef hun lerares in een verbolgen reactie: «Antisemitisme is kennelijk weer in de mode».

De Joodse scholen in Antwerpen volgen het Brusselse voorbeeld nog niet. Wel was het een schok toen een goed jaar geleden een groep chassidische schooljongens met stenen bekogeld werd door een groep jongeren van Turkse origine toen ze in een jeugdherberg in Beringen aankwamen. Het parket reageerde meteen door de jonge daders gemeenschapsdienst op te leggen en een studiereis naar het Anne Frank Museum in Amsterdam te laten maken. Eli Ringer: «Toch zal men in Antwerpen de keppel blijven dragen. Omdat hier meer orthodoxe Joden leven en zij in een kleine buurt bij elkaar wonen. In Brussel is dat anders. Neem maar de proef op de som: loop eens met een keppeltje op je hoofd door het centrum. Het zal niet lang duren voor het op de grond ligt. De meeste mensen die in Brussel toch een keppeltje dragen, bedekken het met een baseballpet».

Het Forum der Joodse Organisaties roept op om antisemitisme te melden via een hotline of een eigen website («niet meer zwijgen is al een vorm van actie»). De statistieken zijn nog niet rond, maar het aantal meldingen zal ook in 2007 rond de 60 bedragen. Eli Ringer meent dat er in het onderwijs en de opvoeding meer aan bewustmaking moet worden gedaan. Blijkbaar is de kennis over de Tweede Wereldoorlog aan het afnemen. Bovendien is het algemene publieke klimaat veel harder geworden. «Het leidt misschien nog niet tot regelrechte angst, maar toch tot onbehagen en achterdocht. Je voelt je minder onbezorgd op straat. En het is toch niet normaal dat wij meer op onze hoede moeten zijn dan andere Belgen».


Article de Chris De Stoop paru dans le Knack du 2 janvier 2008